Categorie archief: tentoonstellingen

Maartje Roos – Geënsceneerde Fotografie naar Gerard Ter Borch

Gezien op woensdag 18 september 2019 in Kunstruimte Het Langhuis
in Zwolle: fotokunstwerk “Ter Borch Untitled”, hedendaagse
geënsceneerde fotografie van fotografe Maartje Roos, geïnspireerd
op de interieurschilderijen van Gerard Ter Borch, een tijdgenoot
van Johannes Vermeer.

“I don’t take pictures,
I create images”
Maartje Roos

“Terug naar de Toekomst”: steeds meer hedendaagse kunstenaars gaan
een dialoog aan met de meesters uit het verleden. In een steeds sneller
veranderende tijd ontstaat vanzelf een behoefte aan vaste waarden en
ijkpunten. Aan diepgang en kwaliteit. Aan liefdesbrieven in plaats van
vluchtige appjes en mailtjes.

In het fotokunstwerk “Ter Borch Untitled” met een brieflezende vrouw
laat fotografe Maartje Roos zich inspireren door de schilderijen van
de 17e eeuwse meester Gerard Ter Borch.

Zij ging hiervoor op zoek naar mooie locaties in Zwolle waarin ze
terug zou kunnen gaan naar de 17e eeuw. Het Vrouwenhuis speelt een
belangrijke rol als locatie maar ook de Sassenpoort en het Stadhuis
zijn op verschillende manieren ingezet. De Zwolse Jeroen van Doornik
(nachtburgemeester) en Maritte Leystra vervullen samen met de kleine
Welsh Springer Tessa, de daadwerkelijke rollen in het fotokunstwerk.

Ze gebruikt het medium fotografie om haar verhaal in één beeld te
kunnen vertellen. Ze schildert met fotografie. Net zoals een kunst-
schilder bij het schilderen zich aan de waarneming kan houden maar
ook de mogelijkheid heeft om naar eigen inzicht belangrijke elementen
voor de betekenis of compositie van het schilderij toe te voegen of
weg te laten.

Zo’n fotokunstbeeld begint met een schets in haar hoofd. Die gedachte
zet ze om in beeld. Ze fotografeert haar beelden niet in één keer,
maar voegt haar beelden via digitale beeldbewerking samen met in
diverse fotoshoots verzameld beeldmateriaal. Daarbij doet ze alles
zelf: locatie, modellen, kleding, belichten, fotograferen en bewerken.
Dit zijn work-in-progress foto’s op locatie tijdens het uitlichten van
de scene en de visagie/styling van het kostuummodel.

Andere werken van Maartje zijn “Wonder of Woman Living room” en
“Margaretha Geertruida Zelle/Leeuwarden Lonkt”, dat een knipoog naar
danseressen van Degas lijkt te zijn. Interieurscenes met jonge vrouwen
mooi in het licht gezet bij een raam.

Maartje Roos gebruikt de genrestukken van Gerard Ter Borch als
inspiratiebron. Op deze genrestukken zijn mensen in hun dagelijkse
omgeving te zien, die in onderlinge, soms in een mysterieuze of
amoureuze verhouding tot elkaar staan.

Ter Borch observeert stemmingen en relaties. “Met een brief, een glas
wijn, een starende blik, wellicht de symboliek van de gebruikte
kleuren hint Ter Borch naar persoonlijke situaties en karaktertrekken,
maar het hele verhaal wordt nooit verteld. Alsof hij wil zeggen:
Zo is het leven, het laat vragen open, relaties komen en gaan.”
(Arthur Wheelock, conservator National Gallery of Art in Washington).
De fijne glanzende (satijnen) stofuitdrukking van de jurken van de
dames in zijn werk verschafte hem blijvende roem. Vaak fungeerde
Gesina, zijn halfzusje, als model. Zoals in de “Galante Conversatie”,
ook wel bekend als “De Vaderlijke Vermaning”, Rijksmuseum Amsterdam.

Vermeer en Ter Borch. Ter Borch is briljant in het schilderen van
figuren, maar niet zo sterk in het overtuigend in de ruimte van het
interieur zetten van zijn figuren. Daarin streeft Vermeer
in mijn ogen Ter Borch voorbij. Zoals in de Staande Clavecimbel-
speelster in Londen.

Voor mij persoonlijk inspireert de fotokunst van Maartje Roos mij in
mijn eigen streven om fotokunstwerken te maken geïnspireerd op de
schilderijen van Johannes Vermeer; om mijn eigen “Vermeers” te creëren.
Zoals dit fotowerk van mijn eigen hand uit 2012;
locatie Landhuis Oud Amelisweerd, model: Merel van den Nieuwenhof.

Voor meer informatie en ander werk van fotografe Maartje Roos verwijs
ik graag naar haar website:
www.roosphotography.nl

Op YouTube is deze video te zien waarin Maartje Roos haar werkwijze
uitlegt:

Jan Schoonhoven en Vermeer – Ritme van het Licht

Gezien op zaterdag 17 augustus 2019 in Museum Het Valkhof in
Nijmegen: twee reliëfs van Jan Schoonhoven (Delft 1914-Delft 1994).
Schoonhoven wordt wel de “Vermeer van de twintigste eeuw” genoemd.

“Beauty of style
and harmony and grace
and good rhythm
depend on simplicity;
the true simplicity
of a rightly and nobly
ordered mind”
Plato

Net als zijn 17de-eeuwse stadsgenoot Johannes Vermeer was de
Delftse kunstenaar Jan Schoonhoven (1914-1994) gefascineerd door
het ritme van het licht. In de stralend witte reliëfs van Jan
Schoonhoven draait alles om ritme en licht. Geometrische ordening.
Een ritmische herhaling van een klein aantal basisvormen in reliëf.
Stralend wit om de werking van het licht zichtbaar te maken.

Begin jaren zestig begon Jan Schoonhoven met het vervaardigen van
witte, seriële reliëfs. Deze reliëfs zijn gemaakt van materialen
zoals gips, hout, papier-maché, karton en witte latex.

Er gaat een rustgevende eenvoud en stralend licht uit van de
werken van Jan Schoonhoven, net als in de schilderijen van Vermeer.
Voor beide Delftenaren is het licht het eigenlijke onderwerp van
hun werk. Schoonhoven werkte van 1946 tot 1979 bij de Centrale
Afdeling Gebouwen van (het toenmalige staatsbedrijf) PTT. Het
kunstenaarschap van Schoonhoven speelde zich af in de avonduren
en de vrije weekenden. Zowel Vermeer als Schoonhoven woonden hun
hele werkzame leven in Delft. Vandaar dat Schoonhoven in Delft
wel “de Vermeer van de twintigste eeuw” wordt genoemd.
“In quiet light and concentration” is ook op het werk van Schoonhoven
van toepassing.

Bij Vermeer zien we het verschijnsel ritme in de rijen witte en
zwarte marmeren vloertegels in de “Muziekles” uit Londen.

Of in het ritme van de loden strippen in het glas-in-lood raam in
“De Soldaat en het Lachende Meisje” in de Frick Collection, New York.

De ritmische herhaling van stadsgezichten-cartouches aan weers-
zijden van de landkaart in “De Schilderkunst” in Wenen.

Het geometrische ritme geeft ook stevigheid aan zijn composities
en versterkt de ruimtewerking. Er zit ook een ritme in de wijze
waarop het licht door het raamvenster de binnenkamer in stroomt,
hoe het licht via een diagonaal van linksboven naar rechtsonder,
trapsgewijs en ritmisch in sterkte afneemt. Er zit een muzikaal
ritme in het licht van Vermeer.

In Museum Het Valkhof in Nijmegen zijn momenteel twee reliëfs van
Jan Schoonhoven te zien ; een vroeg, klein reliëf uit 1965 en later,
rijp werk Reliëf r85-1 uit 1985.

In de loop van de jaren tachtig ontwikkelt Schoonhoven een nieuwe
vorm in zijn reliëfs, die doet denken aan dakpannen. Hierbij maakt
hij gebruik van karton, dat hij beschildert met halftransparante
witte latex-verf, dat het werk een schilderachtig effect geeft.
Er onstaat een paradox tussen het kwetsbare, tijdelijke materiaal
en het streven naar objectivering en tijdloosheid van het kunstwerk.
Onder invloed van wisselingen van de lichtval op het oppervlak
verandert het werk van vorm en daarmee van sfeer en uitstraling
op de beschouwer.

In zijn eigen woorden: “opeenvolging van één motief, één ding,
één object, één deel van de geïsoleerde realiteit door herhaling
houdt, behalve ritme en tijd, tegelijkertijd, vanwege de herhaling,
een suggestie van afwezigheid van tijd, van tijdloosheid in….”

Samen met andere kunstenaars richtte Schoonhoven in de jaren zestig
de Nul-groep op, die zich afzette tegen Cobra en streefde naar een
objectieve kunst, die ontdaan was van alle subjectieve emotie en
waarin de individuele rol van de kunstenaar tot een minimum werd
beperkt. Schoonhoven paste de voor Nul geldende stijlkenmerken toe
in zijn werk, zoals de ritmische ordening van min of meer gelijkvormige
elementen en de keuze voor het monochrome wit. In zijn reliëfs draait
alles om de werking van het licht, net als bij Vermeer.

Zijn zoektocht in de kunst wordt het best samengevat in zijn uitspraak:

“Je moet streven naar een minimum,
maar anoniem gaat het nooit”.
Jan Schoonhoven

De zwart-witte Vermeer-tegelvloer in mijn atelier heeft ook iets
rustgevends door de strakke geometrische werking ervan. Het “juiste
ritme en de edele orde” waar Plato over spreekt.
Misschien zit de voorliefde voor het licht en een heldere geome-
trische ordening wel in de genen van Delftse kunstenaars. In Vermeer
en Schoonhoven.

In de AVRO/TROS tv-serie “Het Geheim van de Meester”, waarin een team
reconstructies maakt van beroemde kunstwerken, is ook een aflevering gewijd
aan Jan Schoonhoven. Deze is terug te zien via deze link:
https://www.npostart.nl/het-geheim-van-de-meester/12-02-2019/AT_2109409

Op YouTube is deze trailer-video te zien van de film “Jan Schoonhoven
Official 18977” gemaakt door Sherman de Jesus uit 2005:

“The Missing Vermeer” en Creatieve Kopieën

“Alles van waarde
is weerloos”
Lucebert

In 1990 werd uit het Isabella Stewart Gardner Museum in
Boston een aantal schilderijen van grote meesters gestolen,
die sinds die tijd nog steeds spoorloos zijn. Waaronder Het
Concert van Johannes Vermeer uit 1666. Aangezien criminelen
vaak niet gehinderd worden door een sterk ontwikkeld moreel,
esthetisch en cultureel bewustzijn, moet gevreesd worden,
dat het schilderij inmiddels is vernietigd.
Doorgaans duiken schilderijen uit een museumkunstroof na
enige jaren wel weer ergens op, maar na bijna 30 jaar lijkt
de hoop daarop te vervliegen.

In deze fotomontages is te zien hoe de zaal met Het Concert
van Vermeer en de Storm op het Meer van Galilea van Rembrandt
er uit zou zien, als de schilderijen er nu nog zouden hangen.

Nu zijn er alleen de lege schilderijlijsten te zien, als
blijvende stille getuigen van wat er ooit was.

Het Concert is ook de enige Vermeer die ik nooit met eigen
ogen zag. Zoals het meisje achter het clavecimbel zo in het
licht is gezet, dat ze als een juweel lijkt te stralen, is
typisch Vermeer. In de achtergrond is het schilderij De Kop-
pelaarster te zien van Dirck van Baburen. Ogenschijnlijk is
deze bordeelscene bedoeld als contrast met het serene tafereel
van het musicerende gezelschap op de voorgrond. Het is
geschilderd in een meer delicate techniek met dunne glacislagen.
In de loop der tijd heeft het schilderij veel te lijden gehad
van verfverlies, waardoor de fysieke toestand van het schil-
derij niet meer optimaal is.

Er zijn inmiddels wel een aantal goede kopieën van het schil-
derij geschilderd, waaronder de schilder Montoya, Erik Almas
en de Engelse schilder Leo Stevenson.

De kopieën van Almas en Montoya hebben meer iets van creative
copies, met een subtiele twist. Almas geeft de gezichten een
Chinese look en Montoya geeft het kleurenpalet een stevige
boost.

Leo Stevenson noemt zijn kopie een “restored recreation
of the Concert of Vermeer back to how it looked originally”.

Deze creatieve kopie van de Dentellière van Vermeer uit het
Louvre van Cheryl LeClair-Sommer laat zien dat hetzelfde beeld
al een heel andere uitstraling krijgt door een paar eenvoudige
beeldbewerkingen: een andere uitsnede, een opgewaardeerd kleu-
rengamma en minder detaillering. De creatieve kopie is
suggestiever, raadselachtiger.

Ook in de animatie-serie The Simpsons duikt het Concert van
Vermeer op met een hint naar de Boston Heist…..
Hier is een citaat van de Joodse schrijver Otto Julius
Bierbaum van toepassing:
“Humor ist wenn man trotzdem lacht”
of:

“Tegen de domheid
strijden zelfs
goden vergeefs”
Friedrich von Schiller

“Verhipt Klassiek”: Straatje van Vermeer op Vintage Stoel

Gezien tijdens atelierbezoek bij kunstenares Anselien School op
zaterdag 30 maart 2019: de “Vermeer-stoel” volgens haar “verhipt
klassiek” procedé: vintage stoelen “verhippen” door ze opnieuw
te bekleden met borduursels naar meesterwerken van oa. Vermeer of
Leonardo.

“Mixing one’s wines
may be a mistake,
but old and new
wisdom mix
admirably”
Bertolt Brecht

Van de oer-hollandse schilderijen Het Straatje en Het Melkmeisje
van Vermeer zijn talloze huisvlijt-borduursels gemaakt. Tijdens
het Kunstcafé in Museum Het Valkhof in Nijmegen op 15 februari
2019 liet de Nijmeegse kunstenares Anselien School haar “ Vermeer-
stoel” zien: een vintage stoel opnieuw bekleed met borduursels
naar Het Straatje van Vermeer.

Kortom: verhipt klassiek. Weer een andere vorm van “Vermeer
Revisited”.

De rugleuning is bekleed met de voorzijde van een Straatje van
Vermeer-borduursel; de zitting met de achterzijde van zo’n
borduursel, waardoor de afbeelding omgekeerd/gespiegeld is.


Een dergelijke stoel zou heel goed passen in een interieur,
waarin hedendaags en klassiek op een spannende manier gecom-
bineerd worden.


Welke Vermeerschilderijen de hoogste populariteit genieten,
laat zich goed aflezen aan de meest voorkomende Vermeer-
huisvlijtborduursels: met name Het Melkmeisje, Het Straatje,
De Kantkloster, het Meisje met de Parel en de Dresden
Briefleester zijn het meest geliefd. Dat zijn precies de
Vermeers met de meest alledaagse en voor het grote publiek
meest herkenbare taferelen.

Eerder schreef ik al een blogstukje over de omgekeerde borduur-
sels tentoonstelling “Embroidery Show” van Rob Scholte in
Museum De Fundatie in Zwolle in 2016:
http://www.thijnvandeven.nl/?m=201608

De achterkant van de borduursels is in hedendaagse ogen eigen-
lijk spannender dan de voorzijde: het laat meer een eigen
handschrift en temperament van de maker zien, het beeld oogt
ook losser en impressionistischer en de vormen worden meer
geabstraheerd.
Zoals dit borduursel naar een schilderij van Pieter De Hoogh.

Het borduursteken-patroon vertoont een typische gelijkenis met
een digitaal pixel-patroon. Het omzetten van een beeld in
kruissteken levert een vergelijkbaar “pixel-patroon” op in
dit detail naar Vermeer’s Dentellière uit het Louvre in Parijs.

In de eigen woorden van Anselien School: “School Meets Scholte”.

“Gefascineerd was ik door de omgekeerde borduursels die Rob
Scholte ons liet zien in de zomer van 2016.
Juist in die achterkant meende ik de mens achter het borduur-
werk te kunnen zien.
Het werk zelf krijgt ook meer diepte. Kijk maar.
De stoel vond ik bij Ari aan de Overtoom in Amsterdam”.


Voor meer informatie/contact verwijs ik graag naar de website
“verhiptklassiek” van Anselien School:
https://verhiptklassiek.nl/

Van Anselien School is deze video te zien op YouTube:

Vermeer van Delft en Leonardo da Vinci – Sfumato

Overweging over het sfumato in de schilderkunst van Leonardo da
Vinci en Vermeer van Delft naar aanleiding van een bezoek aan de
tentoonstelling met originele tekeningen van Leonardo da Vinci
in het Teylers Museum in Haarlem op woensdag 12 december 2018.

“Love is a smoke
made with the
fume of sighs”
William Shakespeare

Vermeer’s Meisje met de Parel is vaak vergeleken met Leonardo da
Vinci als de “Mona Lisa van het Noorden”.

In de ogen van het Meisje ligt niets minder dan de blik van de liefde,
om de lippen van de Mona Lisa de zachte glimlach van een ongrijpbaar
mysterie. Het zijn tijdloze iconen van de schilderkunst.

Wat Leonardo da Vinci en Johannes Vermeer van Delft gemeen hebben is
dat ze ieder in hun eigen sfumato schilderen: sfumato is een schilder-
techniek waarmee schilders met dunne transparante olieverflagen con-
touren wazig maken en laten vervloeien, waardoor een zacht omfloerste,
dromerige atmosfeer van licht ontstaat. Vermeer (1632) schilderde
bijna twee eeuwen later dan Leonardo (1452). Voor Hollandse schilders
in de Gouden Eeuw gold Italië als het beloofde land van de schilder-
kunst en stond Leonardo ook toen al op eenzame hoogte in het pantheon
der grote meesters van weleer.

De Brieflezende Vrouw in Blauw van Vermeer uit het Rijksmuseum vind
ik een mooi voorbeeld van een schilderij in sfumato: de contouren
zijn verzacht en de overgangen van licht naar donker zijn soms nau-
welijks waarneembaar, alsof de vrouw omhuld is in een soort van rook
of mist.

Het blauwe haarlint bij haar gezicht verdwijnt bijna in de subtiele
huidtinten. In dit schilderij is me altijd de lichte partij op de
landkaart boven haar hoofd opgevallen; het is alsof een rivier
in haar hoofd stroomt als de woorden uit de brief die ze leest of
alsof er een vlam of rook uit haar hoofd omhoogkringelt. Alsof haar
gevoelens opstijgen in een hoge vlucht.

In dat geval zou het een letterlijke verwijzing naar rook kunnen zijn
en misschien wel naar Leonardo’s “sfumato” ( “fumo” is Italiaans voor
rook, “sfumare“ betekent letterlijk “verroken”, vervagen). De Duitser
Max Doerner noemt in zijn standaardwerk over schildertechniek dit
effect “Schmelz”, in elkaar versmolten doorschijnende verflagen.

Vermeer zou Leonardo’s boek Trattato della Pittura heel goed gekend
kunnen hebben, daar hij een naam had als kenner van de Italiaanse
schilderkunst. Daarin stelt Leonardo in dit verband: “Licht en
schaduw zouden zich zonder lijnen of grenzen moeten mengen, net
als rook”. In dat geval zou de Brieflezende Vrouw in Blauw als
Vermeer’s eigen ode aan Leonardo’s “Sfumato” gezien kunnen worden.

In de fotografie is “soft focus” het equivalent van “sfumato”.
Interessant in dit verband is dat Leonardo zich ook al bezig hield
met optische effecten van lenzen en experimenteerde met de camera
obscura, en zo mogelijk net als Vermeer geboeid raakte door de
delicate zachte overgangen en het atmosferische licht van soft
focus beelden. Zoals in dit glamourous Hollywood-portret van
filmster Marlene Diettrich.

De beroemde glimlach van Mona Lisa is hét schoolvoorbeeld van de
sfumato-techniek.

Op YouTube is de song “Smoke Gets In Your Eyes” te horen van Blue
Haze uit 1972:
“When a lovely flame dies
smoke gets in your eyes”:

Op YouTube is het liedje “Als de Rook om je Hoofd is Verdwenen”
van Boudewijn de Groot te horen: