De “Vermeer-Bubble”- Cocon van Licht, Liefde en Stilte in Tijden van Corona

De schilderijen van Vermeer kunnen beschouwd worden als een voorbeeld hoe
de gedwongen lockdown tijdens de huidige Corona-crisis ook ervaren kan
worden als een cocon van licht, liefde en stilte.

“Une île….
douce et calme comme ton miroir…
claire comme un matin de Pâques….”
Jacques Brel

In deze vreemde tijden van de huidige wereldwijde virus-pandemie is thuis-
blijven en social distancing geboden. Onze leefwereld is kleiner geworden
en vaak ineengekrompen tot onze eigen kleine privésfeer. Deze bubble wordt
door sommigen echter ook als een cocon van rust ervaren in de snelle en
onzekere, jachtige “rat race” van het moderne leven. De schilderijen van
Vermeer laten ook een bubble zien, niet groter dan een hoek van een kamer
bij een raam, met een mooi meisje. Een zeventiende eeuwse vorm van cocoo-
ning in licht, liefde en stilte. Als een vorm van Stabilitas Loci, een
regel waar in vroeger tijden kloosterlingen en kluizenaars naar leefden,
een zelfgekozen afzondering op één plek in hun zoektocht naar het ware
licht. Een “Insula Dei”.

De kleine Dentellière van Vermeer is misschien wel de ultieme “Vermeer-
bubble”. Haar stille concentratie en toewijding drukt een toestand van de
ziel uit, die de ruimte van het kleine hoekje in haar kamer verre over-
stijgt. Elk Vermeer-schilderij is eigenlijk een bubble; een volmaakt uni-
versum in zichzelf, dat in stille vrede en harmonie met zichzelf is. Een
cocon van rust. Het gaat niet om haar, maar om haar “inner state of mind”,
waarin ze verkeert en waaraan de beschouwer deel mag nemen. Deze wereld
heeft meer “Vermeer” nodig. Juist in tijden als deze.

Ook in een tijd, waarin de cultuursector in zwaar weer verkeert, is
het belangrijk om een goede actieve liefhebberij te hebben…. Mijn
“Vermeer-atelier” is inmiddels heringericht tot een ruime werkplek in
eigen huis. Stabilitas Loci in het licht van Vermeer is voor mij een
blijvende bron van schoonheid, inspiratie en liefde in deze rare en
onzekere tijden. Ook in een tijd van financiële onzekerheid, gaat de
kunst altijd verder. Vermeer is Forever.

In het meesterwerk van Jeroen Bosch, de Tuin der Lusten, in het Prado-
museum in Madrid, bevindt zich ook een prachtig detail van een liefdes-
paar in een doorzichtige cocon.

In het hart van elke “Vermeer-bubble” bevindt zich altijd een vrouw.
Vermeer is een typische “schilder van vrouwen”.

De glazen bol in de Allegorie van het Geloof van Vermeer is een schit-
terend en sprekend detail (in dit bij het grote publiek minder gelief-
de maar misschien ook door kenners onderschatte Vermeer-schilderij);
de glazen bol weerspiegelt misschien ook voor Vermeer zelf zijn eigen
“bubble”, de kleine wereld waarin hij teruggetrokken leefde en werkte:
zijn schilderstudio, met de jonge vrouw bij het raam. De glazen bol
oogt als een mooie maar tere zeepbel, die elk moment uiteen kan
spatten. De Allegorie van het geloof dateert van om en nabij 1672,
het Rampjaar, waarin oorlog de neergang inluidde van de Gouden Eeuw.
De schilderkunst van Vermeer getuigt ook in onze tijd nog steeds van
de schittering van die ongekende bloeitijd.

Op YouTube is “Une Île” te beluisteren, een chanson van Jacques Brel.
Is cocooning een vorm van zich terugtrekken in een eigen kleine
bubble; de tegenpool ervan is juist de hele wereld over reizen in een
zoektocht naar een klein paradijselijk eiland, ver van de moderne
wereld, een eiland van “luxe, calme et volupté”, het Tahiti van Gau-
guin en Brel: