Vermeer’s Camera Obscura en de Grot van Plato

Boek “Vermeer and Plato- Painting the Ideal” van Robert D. Huerta

“De zichtbare wereld is te vergelijken
met een gevangenis waarin wij wonen,
en het licht van het vuur,
dat daarbinnen schijnt,
met het zonlicht”
Plato

In de schilderijen van Vermeer herken ik een streven naar een
Platonisch Ideaal. Vermeer schildert niet louter de zichtbare
werkelijkheid zoals zij is, maar tevens een ideaalbeeld;
gezien vanuit het ideaal van het Goede, het Schone en het Ware.
De Ideeënleer van Plato laat zich heel goed rijmen met de visie
van Vermeer.

Een voorbeeld: Vermeer schildert in het “Meisje met de Parel” geen
gelijkend portret, maar een “tronie”,een klassiek ideaalbeeld, een archetype;
Frans van Mieris schildert puur naar de waarneming: een realistisch
portret van zijn eigen vrouw Cunera van der Cock, precies zoals ze is.

Ik zie ook een overeenkomst tussen het beeld van de Grot van Plato,
de Camera Obscura van Vermeer, en de grotschilderingen in Lascaux.

Het is heel goed mogelijk dat de prehistorische grotbewoners van Lascaux
het effect van de Camera Obscura al opgemerkt hebben en mogelijk ook al
gebruikt hebben bij hun grotschilderingen.

 

De gevangenen staren naar bewegende schaduwen op de wand van de
donkere Grot van Plato, zoals Vermeer in zijn Camera Obscura (Verduisterde
Kamer) keek naar het geprojecteerde lichtbeeld vanuit de Kamer van het Licht.
Beiden bevinden zich dus in een donkere ruimte met een uitgang/ingang naar
het Licht. Het “vuur” in de Grot van Plato is het equivalent van het
zon-daglicht in de Kamer van het Licht van Vermeer.

 

 

“Het laatste object
dat hij zal kunnen zien
is de zon”
Plato

Het wereldbeeld van Plato zag de wereld opgebouwd van Lagere tot Hogere
Sferen. Zo is ook de kunst van Vermeer Platonisch in zijn voortdurende
streven naar een steeds hogere graad van verfijning en volmaaktheid. Vermeers
werk beweegt zich van realisme/naturalisme naar abstractie/classicisme. Deze
Platonische benadering heeft de krachtigste en meest verheffende werking
bij een nederig en eenvoudig onderwerp als een “Meyd die Melk Uytgiet”,
een vroeg meesterwerk.

In zijn latere werk streeft Vermeer steeds meer naar een hogere abstractie,
naar de klassieke ideale vorm. Het is precies dit Platonische streven dat zijn
schilderkunst verheft boven zijn vooral op de waarneming berustende realisme
van zijn tijdgenoten als Pieter de Hoogh en Gerard Ter Borgh. Vermeer is dieper
doorgedrongen in Plato’s Wereld van de Ideeën, die eeuwig en tijdloos is.
Vermeer verbindt de Idee van Plato met de waarneming van de
werkelijkheid dmv licht. In elke Vermeer zit iets van de eeuwige
onzichtbare Ideeën van Plato, die achter de zichtbare tijdelijke en voorbij
gaande werkelijkheid liggen. In de ogen van Vermeer openbaren deze zich door
middel van het licht.

In feite is ook de benadering van de Engelse fotograaf Tom Hunter, om zijn
krakersvrienden uit de achterstandswijk Hackney in Londen in zijn foto’s
een “Vermeer”-uitstraling mee te geven, in wezen een Platonische benadering:
verheffing van “ordinary people” naar een hoger ideaalbeeld van schoonheid
en waardigheid. In “Woman Reading a Possession Order” is hij hierin bijzonder
goed geslaagd.


Een tussenfase naar de Wereld van de Ideeën is de Mathematica, die bij
Vermeer tot uiting komt in zijn perspectivische constructie van de ruimte
en de geometrische werking van zijn kenmerkende zwart-witte tegelvloeren,
zoals in het schema aangegeven is. “De Muziekles” is hiervan een mooi
voorbeeld.

Op Youtube staat een mooie video met scenes uit de Hopper-film “Shirley,
Visions of Reality” van Gustav Deutsch met een song van Melody Gardot –
Worrisome Heart. In deze film komt ook een scene voor waarin een vrouw
de scene van de Grot van Plato leest.

De beroemde passage van de Grot van Plato in zijn “Politeia” kun je
lezen via deze link:
passage Grot van Plato in “Politeia”